Ik zie mijn baan als vrachtwagenchauffeur niet als werk

De 40-jarige Ilona ziet haar baan als vrachtwagenchauffeur niet als werk. “Ik zie het juist als ontspanning. Op de wagen ben ik lekker even weg, iets voor mezelf.” Wat vindt ze zo leuk aan haar werk als vrachtwagenchauffeur? En wat zijn haar favoriete momenten van een werkdag?
 

Van citytrailer tot 3-asser

Ilona werkt als chauffeur bij familiebedrijf Bouw Logistic Services in Nijkerk (hierna ‘Bouw’). “We transporteren van alles. Van wijn en gedestilleerde dranken naar slijterijen, bouwproducten naar bouwmarkten, distributie naar grote supermarkten, maar ook pakketten naar particulieren.” Afhankelijk van het type lading, rijdt Ilona op een bakwagen of trekker met 3-asser, 2-asser of citytrailer. Toen ze alleen haar C-rijbewijs had, begon ze het eerste jaar op de bakwagen. “Dan doe je soms wel 12 tot 16 adressen op een dag. Slijterijen, restaurantjes en bij mensen thuis. Smalle straatjes dus. In het begin heb ik wat schade gereden. Ik maakte mezelf te druk en was te gehaast. Toen die knop eenmaal omging en ik meer ontspannen op de wagen zat, was dat over.” Ilona had de smaak te pakken en haalde ook haar CE-rijbewijs. “Het dokken vond ik in het begin wel spannend met zo’n grote trailer. En nog steeds soms wel, maar ik blijf nu kalm. En heb er vooral plezier in.”


Werk en privé

Ze is het vak ruim twee jaar geleden ingerold. Ilona werkt drie dagen in de week, dan maakt ze zo’n 30 tot 38 uur. Lange dagen dus, maar dat vindt ze niet erg. Integendeel. “Ik maak alle uren in drie dagen. Drie dagen iets voor mezelf hebben en niet met het huishouden bezig zijn, vind ik heerlijk. In de twee doordeweekse dagen dat ik vrij ben,  doe ik alles in huis. En in het weekend ben ik dan helemaal vrij. Ideaal.”

“Geen dag is hetzelfde”

Haar dochter van 15 jaar kookt op de dagen dat Ilona laat thuis is. “Ik haal de boodschappen en leg de recepten klaar en zij maakt het. Ze vindt het leuk om te doen en ik ben ermee gered.” Dat Ilona het naar haar zin heeft bij Bouw, werkt blijkbaar aanstekelijk. “Mijn dochter gaat ook bij Bouw aan de slag. Ook haar vriendje wil het transport in.”

Vaak vertrekt Ilona tussen 5.00 en 7.00 uur ’s ochtends en komt tussen 18.00 en 20.00 uur weer thuis. Geen enkele dag is hetzelfde, vertelt ze. “Soms heb ik een lange rit en maak ik vooral kilometers, rustig in mijn eentje in de cabine. De andere dag heb ik meer dan tien adressen en maak ik met verschillende klanten een praatje. Die afwisseling maakt mijn werk zo leuk.” 


Niet bezig met ‘vrouw zijn’

Ze is er eigenlijk niet zo mee bezig dat ze als vrouwelijke chauffeur een vrij unieke verschijning is. “Sommige klanten keken in het begin verrast op: goh, werkt er nu ook een vrouw bij Bouw. En ja, mensen hebben me weleens uitgeprobeerd. Dat ze me lieten tobben met een pompwagen bij een drempeltje. Maar dan betrek ik ze erbij, op een vriendelijke manier, om even een handje te helpen. En dan is het ijs gebroken. Ik denk trouwens dat dat net zo goed bij nieuwe mannelijke chauffeurs gebeurt. En ik krijg ook vaak zat een duimpje van iemand.” Haar collega’s zijn vaak behulpzaam. “Als je een wagen overneemt van de nacht en de broodkarren moeten er ’s avonds weer in, dan is er altijd wel iemand die een handje helpt. Bij mij, maar ook bij mijn mannelijke collega’s.”

“3 favoriete momenten van mijn werkdag”

1. Als het lukt om op een plek te komen of een manoeuvre uit te voeren waarvan je van tevoren had gedacht dat het nooit zou gaan lukken.

“​Je komt weleens in lastige situaties terecht met je vrachtwagen. Een smal straatje bijvoorbeeld, waar je de bocht maar net kunt maken. Of een auto die onhandig geparkeerd staat, waardoor je nauwelijks kunt lossen. Als het dan toch lukt, ja dat geeft een goed gevoel. Laatst kreeg ik applaus op straat van een paar oude dames, dat is toch leuk.”

2. Als alles soepel loopt en je ruim op tijd je wagen leeg hebt.

“Dat geeft een voldaan gevoel. Dan rijd ik het laatste stuk naar Bouw en dan zet ik de radio een tandje harder.”

3.    Sociaal contact met mijn collega’s.

“Dat vind ik belangrijk. In de ochtend drinken we samen wat of maak je even een praatje met iemand. Ook onderweg spreken we elkaar. Als er iets is, kun je iedereen bellen. Ik zie het echt als een teamprestatie om samen die loods leeg te krijgen. Dat doen we met z’n allen.”